Het Beroemde Djeema el Fna plein

Het Djeemâ el Fna plein. 25 Jaar geleden nog niet strak betegeld, een aangestampt lemen veld was het. En dat was het schouwtoneel, de arena van de handel, de verhalen, de muzikanten, de chirurgijnen, mismaakten, kiezentrekkers, kruidendokters, de slangen, de beren en de aapjes. Een fascinerende, geordende chaos was het.
Het best kon je je dan installeren op 1 van de dakterrassen rond het plein. Keek je te lang in je gaasje thee en lette je dus even niet op wat er zich beneden op het plein afspeelde dan was de kans groot dat de schoenenmarkt van zojuist opeens was veranderd in een grote rommelmarkt. Een paar uur later waren er alleen maar stoffen te koop. En zo ging dat maar door.
Waren daar afspraken over? Was er een stadsdirigent die deze constante veranderingen aanstuurde? Nee, op het Djemaâ el Fna leefden oude rituelen. Alles ging vanzelf, allemaal vanuit een eeuwenoude traditie.
Vandaag de dag leven die rituelen nog steeds een beetje, maar alles is nu georganiseerd. Iets meer georganiseerd, laten we het zo zeggen. De lemen vloer is keurig betegeld. Sinaasappelkarretjes staan overdag keurig karretje aan karretje klaar om lekker jus te persen. Nog steeds wordt er gehandeld in 1001 spannende spullen en de slangen worden nog steeds bezworen en de kiezen getrokken.
Gelukkig kun je je  ’s avonds nog steeds onderdompelen in een geordende wanorde.
Zodra de zinderende zon het plein verlaat, verandert het  in 1 groot openlucht eethuis. Zoiets als de rollende keukens. Toeristen worden naar binnen wordt gelokt. En eenmaal plaats genomen dan is schapenkop een van de specialiteiten. Maar gelukkig staan er ook  minder angstaanjagende gerechten die je liggen aan te staren op de kaarten.
Een diner op het plein is nog steeds aan te raden. Want iedereen vindt er wel iets lekkers van zijn gading. Salades, linzen, brochettes, kefta, pastilla, slakken, teveel om op te noemen.

De gegoede Marokkaanse burgerij schaamt zich nog steeds een beetje voor het plein.
Die ziet het als volks, als het domein van dieven en kreupelen. Het afvoerputje van de stad. En toch was iedereen bang dat het zou verdwijnen. Maar gek genoeg: door het toerisme is het gebleven. Op tijd is men tot het besef gekomen dat het plein een trekpleister van wereld formaat is. Op het plein vonden ook terechtstellingen plaats. Een mogelijk vertaling van Djemaâ el Fna is dan ook ‘plein van de dood’. Maar de ooievaar, in grote aantallen aanwezig tijdens in lente, lijkt daar als symbool van de geboorte anders over te denken. Niemand weet het dus precies.En wie het weet mag het zeggen.

Liked this post? Follow this blog to get more. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.